 |
De Steen Van Rotselaar
We hebben het allemaal waarschijnlijk al gemerkt. Ondanks de vele potgrond die we in onze tuin verspreiden dagzomen regelmatig roestbruine stenen die dikwijls uit verschillende lagen bestaan : ijzerzandsteen dus. Als we een kuil willen graven stoten we trouwens telkens op die steenharde onderlaag, of eigenlijk vroegere bovenlaag. De Hagelandse ijzerzandsteen heeft generaties lang bouwmateriaal geleverd. Ook voor de belangrijkste bouwwerken in het Hageland. Het oudste bewijs van het gebruik van plaatselijk gedolven ijzerzandsteen zijn de fundamenten van de Romeinse villa van Rotselaar (2de eeuw). Het oudste nog intacte, maar verborgen monument van Rotselaar is de vroeg-Romaanse kerktoren van de Sint-Pieterskerk : rond die toren werd in 1844-1846 de huidige neogotische toren gebouwd: van buitenaf is deze Romaanse toren dus niet te zien. Hij werd gebouwd rond het midden van de 11de eeuw, door het Sint-Bartholomeuskapittel van Luik, dat toen de parochie Rotselaar in handen had. Opmerkelijk is dat deze unieke toren volledig in ijzerzandsteen is opgetrokken, tot en met de fraaie, paarsgewijs opgestelde galmgaten, met rondbogen en Romaanse deelzuiltjes met teerlingkapiteel. Minstens al rond 1400 bestond er in Rotselaar een bloeiende steengroeve.
|
 |
|
 |
Wellicht waren er meerdere groeven. Op oudere topografische kaarten zijn verschillende groeveputten te herkennen op de noordflank van de Middelberg en uit archiefbronnen is wel bekend dat men tijdens de Middeleeuwen ijzerzandsteen ontgon op de Middelberg. Deze groeve behoorde toe aan de heren van Rotselaar, later aan de Croÿs, hertogen van Aarschot en eigenaar tot de verkaveling van de Middelberg in 1966. De Rotselaarse ijzerzandsteen was van hoge kwaliteit. Voor deze steen werd trouwens de middeleeuwse term “ordune” of arduin gebruikt. Dat blijkt bvb uit het feit dat hij werd gebruikt voor de fundamenten van het Leuvense stadhuis (1448) en uit de bouw van de St-Martinuskerk van Wezemaal.
|
 |
 |
In de 16de eeuw geraakte de groeve in verval, maar de hertogen van Aarschot lieten deze bron van inkomsten niet verloren gaan. In 1653 draaide de groeve weer volop, deze keer voor bouwmateriaal voor de imposante barokke Sint-Michielskerk van de Jezuïeten te Leuven, en in 1750 voor de aanleg van het kanaal van Leuven naar Mechelen. Rotselaarse steen zit ook verwerkt in de oudste gebouwen van de watermolens aan de Dijle (eveneens bezit van de hertogen van Aarschot). De steengroeve bleef na de Franse Revolutie nog eigendom van de familie van Arenberg. Nog in de jaren 1843-1844 werd een flinke hoeveelheid ijzerzandsteen uit de Rotselaarse groeve getrokken (toen nog steeds eigendom van de hertog van Arenberg) voor de bouw van de nieuwe kerk van Rotselaar. Op heden wordt deze steen op onze berg meer en meer als sierstuk aangewend en bekomt men er fantastische resultaten mee.
|
 |
|